"Inwendige weeën registratie is onnodig"

Resultaat Druklijnen onderzoek: Het registreren van weeën met een inwendige drukcatheter levert geen positieve bijdrage aan de bevalling.


Dit onderzoek is in februari 2010 gepubliceerd in het gerenommeerde vakblad The New England Journal of Medicine [1].

Bewaking van de weeŽn tijdens de bevalling
Als een bevalling ingeleid moet worden of niet vordert, worden de weeŽn opgewekt of gestimuleerd met behulp van een infuus met oxytocine.

De conditie van de baby en de weeŽn worden geregistreerd met behulp van het CTG (cardiotocografie) waarbij de hartfrequentie en de weeŽn frequentie geregistreerd worden. Het is van belang dat de weeŽn goed gedoseerd worden. Als er teveel weeŽn zijn ('weeŽnstorm') is dat niet alleen erg zwaar voor de moeder, maar kan zelfs gevaarlijk zijn vooral als er een litteken in de baarmoeder zit van bijv. een eerdere keizersnede. Ook voor de baby is zgn. overstimulatie gevaarlijk, deze heeft dan niet genoeg tijd te herstellen. Als er te weinig weeŽn zijn duurt de bevalling onnodig lang met daardoor ook weer meer risico's.

Internationale richtlijnen adviseren om tijdens het geven van dit middel de activiteit van de baarmoeder te registreren met een drukcatheter die inwendig is aangebracht (zie plaatje), hiermee kunnen de weeŽn heel nauwkeurig geregistreerd worden. Men dacht dat met een nauwkeurige registratie de uitkomsten ook beter zouden zijn.



Eerder onderzoek toonde echter geen wetenschappelijk bewijs voor deze praktijk aan, maar door de te kleine patiŽntengroepen was dit onderzoek onvoldoende betrouwbaar [2;3]. Tot nu toe was dan ook niet duidelijk of het een positief effect heeft op de bevalling en de geboorte.

Het Druklijnen onderzoek
Het onderzoek werd verricht in zeven ziekenhuizen in Nederland, het AMC, het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, het Slotervaart ziekenhuis in Amsterdam, het LUMC te Leiden, het AMPHIA in Breda en Maxima Medisch Centrum te Veldhoven. Ruim1400 vrouwen namen deel aan het onderzoek; bij de helft van de vrouwen werden de weeŽn inwendig geregistreerd, bij de andere helft werden de weeŽn uitwendig geregistreerd.

Resultaten
Inwendige registratie bleek geen positieve bijdrage te leveren. In beide groepen kwamen uiteindelijk evenveel kinderen ter wereld na een keizersnede of met hulp van een tang of vacuŁmpomp. De behoefte aan pijnstilling, de kans op een infectie en de duur van de bevalling waren in beide groepen vergelijkbaar. Ook was er geen verschil in de conditie van de kinderen kort na de geboorte.

Het gebruik van de inwendige catheter is wel duurder. Ook levert het een klein, maar potentieel ernstig risico op: zo zouden de placenta of de bloedvaten van de navelstreng doorboord kunnen worden bij het plaatsen van de catheter. Omdat er geen voordelen zijn, concluderende onderzoekers dan ook dat het toepassen van inwendige drukmeting tijdens inleiding of bijstimulatie van de baring ontmoedigd moet worden. De bestaande richtlijnen van onder andere de Amerikaanse en Nederlandse verenigingen voor Obstetrie en Gynaecologie zouden daarop aangepast moeten worden.

Contact informatie over dit onderwerp
Jannet Bakker
Verloskundig onderzoeker
j.j.bakker@amc.nl

Referentie lijst
[1] Bakker JJ, Verhoeven CJ, Janssen PF, van Lith JM, van Oudgaarden ED, Bloemenkamp KW et al. Outcomes after internal versus external tocodynamometry for monitoring labor. N Engl J Med 2010;362(4):306-313.
[2] Chia YT, Arulkumaran S, Soon SB, Norshida S, Ratnam SS.Induction of labour: does internal tocography result in better obstetric outcome than external tocography. Aust N Z J ObstetGynaecol 1993; 33(2):159-161.
[3] Chua S, Kurup A, Arulkumaran S, Ratnam SS. Augmentation of labor: does internal tocography result in better obstetric outcome than external tocography? Obstet Gynecol 1990; 76(2):164-167.


Gerelateerde termen
Weeënstorm