Subfertiliteit

Verminderde vruchtbaarheid

  “Wat is subfertiliteit?”
Er is sprake van subfertiliteit als zwangerschap langer dan twaalf maanden uitblijft bij een op zwangerschap gerichte coïtus. De duur van de subfertiliteit komt overeen met de duur van de zwangerschapswens.

Van 'primaire infertiliteit' spreekt men als iemand verminderd vruchtbaar is en nog geen kind heeft mogen krijgen. 'Secundaire infertiliteit' is verminderde vruchtbaarheid waarbij iemand al wel eerder één of meer kinderen heeft gekregen, of al eerder bewezen zwanger is geweest.

“Hoe vaak komt subfertiliteit voor?”
Ongeveer 20% van de Nederlandse paren bezoekt op enig moment in hun leven een huisarts met de klacht geen kinderen (meer) te kunnen krijgen. Circa 15% wordt doorverwezen naar een specialist. Van degenen die een specialist bezoeken blijkt twee derde (dat wil zeggen 10% van het totaal) te voldoen aan de definitie voor subfertiliteit.

Een mens kan verminderd vruchtbaar zijn door verschillende redenen. In naar schatting 30 procent van de gevallen ligt de oorzaak van vruchtbaarheidsproblemen bij de man ('andrologische factor'), in 30 procent van de gevallen bij de vrouw, en in 30 procent van de gevallen bij beiden. In 10 procent van de gevallen wordt de oorzaak nooit duidelijk. In het laatste geval spreken de medici van 'idiopathische subfertiliteit', ofwel onbegrepen onvruchtbaarheid.

“ Wat zijn de behandelingen bij subfertiliteit?”
Na het bezoek aan de huisarts volgt vaak een doorverwijzing naar een specialist, dit is meestal een gynaecoloog die al dan niet gespecialiseerd is in fertiliteit: een fertiliteitsarts. Deze voert een oriënterend fertiliteitsonderzoek (afgekort: OFO) uit.
•    Bij de intake (anamnese) worden gegevens zoals leeftijd, duur van de kinderwens en factoren in de familie doorgenomen
•    Er wordt gekeken naar de levensstijl: roken, drugs en alcoholgebruik hebben een negatief effect op de vruchtbaarheid
•    Bij de man wordt een zaadonderzoek gedaan.
•    Bij de vrouw wordt een vaginale echo gedaan om de eierstokken en baarmoeder in beeld te brengen.
•    Lichamelijk onderzoek: gewicht (BMI), gynaecologisch onderzoek en andrologisch onderzoek
•    Bijhouden van de menstruatiecyclus en waarnemen van de eisprong.
•    Er wordt bloedonderzoek gedaan om verschillende hormoonspiegels te bepalen.
Afhankelijk van de oorzaak zijn er verschillende behandelingsopties. Enkele veel voorkomende behandelingen zijn:
•    Intra-Uteriene Inseminatie (afgekort: IUI). Hierbij worden opgewerkte zaadcellen kunstmatig in de baarmoeder ingebracht.
•    In-vitrofertilisatie (afgekort: IVF) is een voortplantingstechniek waarbij een of meer eicellen buiten het lichaam worden bevrucht met zaadcellen, waarna de ontstane embryo's in de baarmoeder teruggeplaatst worden.
•    Intracytoplasmatische sperma-injectie (afgekort: ICSI) is een manier van medisch geassisteerde voortplanting waarbij één spermacel rechtstreeks wordt ingebracht in een eicel.

Patiëntenverenigingen:
www.freya.nl
Gerelateerde pagina's
PRORAILS onderzoek
INES